Next_level_groot
pensioenadvies 070 7 62 02 00
Header_eyes
TERUG NAAR OVERZICHT

SCHULDSANERING BEDRIJVEN AANGESLOTEN BIJ BPF ONMOGELIJK

Een veelvoorkomende manier om een faillissement af te wenden is door een akkoord te sluiten met de schuldeisers van de onderneming. Zij geven daarmee een deel van hun vordering prijs, waardoor de onderneming levensvatbaar voortgezet kan worden en haar schulden kan voldoen. Op deze manier kan vaak een beter resultaat worden behaald dan door een faillissement. Een schuldeisersakkoord kan echter alleen werken indien alle schuldeisers meewerken aan het akkoord. Op dit moment is het niet mogelijk de medewerking van één enkele schuldeiser af te dwingen. Daarover ging ook de zaak Gerechtshof Leeuwarden 23 oktober 2012 (LJN: BY1271).

Een transportonderneming had bij een groot aantal leveranciers betalingsachterstanden. Ook de fiscus en het Bedrijfstakpensioenfonds hadden vorderingen op de onderneming. Alle schuldeisers waren bereid mee te werken aan een buitengerechtelijk schuldeisersakkoord, met uitzondering van het Bedrijfstakpensioenfonds. De fiscus stelde als voorwaarde voor haar medewerking dat alle schuldeisers akkoord moesten gaan. Zonder de medewerking van het BPF, was het akkoord dus niet mogelijk.

De onderneming vordert in kort geding dat het Bedrijfstakpensioenfonds deelneemt aan het akkoord. Het Bedrijfstakpensioenfonds geeft aan beter af te zijn met een faillissement van de onderneming omdat dan de premieachterstand in dat geval door het UWV wordt overgenomen. Zowel Rechtbank als Gerechtshof wijzen de vordering van de onderneming af. In lijn met de Hoge Raad is het aan de schuldenaar om te bewijzen dat de schuldeiser in redelijkheid het akkoord niet kan weigeren. Daarvan is in deze zaak geen sprake.

Door de bijzondere positie van het BPF (bij een faillissement betaalt het UWV de premieachterstand) is het op dit moment praktisch onmogelijk een buitengerechtelijke schuldsanering te realiseren. Het BPF is beter af als de onderneming failliet gaat en zal dus niet meewerken aan de schuldsanering. De maatschappelijke schade van al die (onnodige) faillissementen is ongetwijfeld enorm en aanpassing van wetgeving op dit punt lijkt ons zeer gewenst. Daarbij valt te denken aan een regeling waarbij compensatie door het UWV ook kan plaatsvinden bij een schuldsanering (waarbij eventueel eisen kunnen worden gesteld of een onafhankelijke toets plaatsvindt). De schade die het UWV dan moet compenseren is vaak kleiner dan in geval van een faillissement, waarmee de maatschappelijke schade dus ook aanzienlijk beperkt kan worden.
Door Next Level om 13:17